Europees bandenlabel

Verordering (EG) Nr. 1222/2009 van het Europees Parlement en de Raad vereist dat alle banden* (zowel eerste montage als vervangingsmarkt) die worden geproduceerd vanaf 1 juli 2012 en binnen de EU worden verkocht vanaf 1 november 2012 ofwel van een label moeten zijn voorzien of verzegeld zijn van een label dat zichtbaar is opgesteld in het verkooppunt.

Doelstellingen

  • Bevorderen van de verkeersveiligheid
  • Terugdringen van het brandstofverbruik en de uitstoot van broeikasgassen verminderen
  • Het verkeer stiller maken en het omgevingsgeluid terugdringen

De verordening mikt op een verhoging van de veiligheid en de efficiëntie, zowel economisch als wat het milieu betreft, van het wegverkeer. Dit gebeurt via de promotie van veilige en brandstofefficiënte banden met lage rolgeluidemissie.

Zelfcertificering

De bandenfabrikanten voeren zelf de metingen uit, gebaseerd op geharmoniseerde testmethoden die betrouwbaar, nauwkeurig en reproduceerbaar zijn:

  • Meting van Rolweerstandscoëfficiënt
  • Meting van Wet Grip Index
  • Meting van Extern Geluidsniveau

De wetgeving betreft banden voor personenauto’s, lichte bedrijfsvoertuigen en vrachtwagens.

Niet van toepassing op:

  • Reservebanden voor tijdelijk gebruik (T-type)
  • Banden met snelheidssymbool < 80km/u
  • Banden met nominale hieldiameter van ≤ 254 mm (10 inch) of ≥ 635 mm (25 inch)
  • Bestemd voor voertuigen geregistreerd vóór 1 oktober 1990
  • Motorfietsbanden
  • Vernieuwde / gecoverde banden
  • Racebanden
  • Spijkerbanden